School­book in het Nedersaksisch

Uitspraak: /ˈʃɔˑu̯lˌbɔu̯k/
zelfstandig naamwoord
Afbreking: School·book
Plural: School­bö­ker n dat School­book
Plural: School­bo­ken n dat School­book
[1]
geavanceerde woordenschat
Nedersaksisch:
Nederlands:
Engels:
Duits:

Etymologie:

Samensteld woord gevormd door: School + Book