Me­ter in het Nedersaksisch

Uitspraak in het Plat: /ˈmɛː·tɐ/
zelfstandig naamwoord
Afbreking: Me·ter
Pluralis: Meters m de Me­ter
[1]
basiswoordenschat
Nedersaksisch:
Nederlands:
Engels:
Duits:
Voorbeelden:
De Boom is söss Meter hoog.