Spoor in het Nedersaksisch

Plural: Spo­ren f de Spoor
Plural: Spöör f de Spoor
[1]
geavanceerde woordenschat
Nedersaksisch:
Engels:
Duits:
Examples:
[2]
geavanceerde woordenschat
Nederlands:
Duits:
Examples:
Bliev in de Spoor!