Muns­ter in het Nedersaksisch

Uitspraak in het Plat: /ˈmʊns·tɐ/ 🔊︎
zelfstandig naamwoord
Afbreking: Muns·ter
Plural: Muns­ters m de Muns­ter
[1]
geavanceerde woordenschat
Nedersaksisch:
Nederlands:
Engels:
Duits:
[2]
geavanceerde woordenschat
Nedersaksisch:
Nederlands:
Engels:
Duits: