Uitspraak in het Plat: /ˈfɔu̯tˌbal/
zelfstandig naamwoord
Afbreking: Foot·ball
Pluralis: Footbäll m de Foot­ball
Pluralis: Footballen m de Foot­ball
[1]
geavanceerde woordenschat
Nederlands:
Engels:
Duits:
Voorbeelden:
Is vondaag Football in’t Feernsehn? — Jo! HSV gegen Ensche.
[2]
geavanceerde woordenschat
Nederlands:
Engels:
Duits:
Voorbeelden:
Haal man den Football rut, wi wöölt en beten kicken.

Etymologie:

Samensteld woord gevormd door: Foot + Ball