dicker dickst
[1]
geavanceerde woordenschat
Nedersaksisch:
Nederlands:
dik
Engels:
thick Meer tonen
Duits:
Voorbeelden:
[2]
geavanceerde woordenschat
Nedersaksisch:
Nederlands:
zat
Engels:
drunk Meer tonen
Duits:
betrunken Meer tonen
Voorbeelden:
[3]
geavanceerde woordenschat
Nedersaksisch:
Nederlands:
dik
Duits:
Voorbeelden:
Wi weren dicke Frünn.
[4]
geavanceerde woordenschat
Nederlands:
dik
Engels:
thick Meer tonen
Duits:
dickflüssig Meer tonen
Voorbeelden:
[5]
perifere woordenschat
Nedersaksisch:
Nederlands:
Engels:
bragging Meer tonen
Duits:
angeberisch Meer tonen
Voorbeelden: