Lö­per in het Nedersaksisch

Identieke woorden ››› Loper ❔︎
Uitspraak in het Plat: /ˈlœɪ̯·pɐ/
zelfstandig naamwoord
Afbreking: Lö·per
Pluralis: Löpers m de Lö­per
[1]
geavanceerde woordenschat
Nedersaksisch:
Nederlands:
Engels:
Duits:
[2]
geavanceerde woordenschat
Nedersaksisch:
Nederlands:
Engels:
Duits:
[3]
geavanceerde woordenschat
[4]
perifere woordenschat
Nederlands:
Engels:
Duits:
[5]
perifere woordenschat
Nedersaksisch:
Engels:
Duits:

Etymologie:

Samensteld woord gevormd door: lopen + -er