Flee­sch in het Nedersaksisch

Niet gebruikt het pluralis n dat Flee­sch
[1]
geavanceerde woordenschat
Nedersaksisch:
Nederlands:
Engels:
Duits:
[2]
geavanceerde woordenschat
figuratief
Nedersaksisch:
Nederlands:
Engels:
Duits:
Voorbeelden:
Saft mit so veel Fleesch in, dat mag ik nich.